donderdag 12 december 2013

Het homobesluit en een pastorale onmogelijkheid

Een overtuiging kies je niet, een overtuiging heb je. Soms veranderen overtuigingen door de tijd heen, maar een verandering van overtuiging laat zich niet afdwingen. Ook niet door een rapport van 90 pagina’s. Het synoderapport is opgebouwd uit een visiedocument en een pastorale handreiking. De pastorale handreiking is warm en geestelijk van toon en ik ben er blij mee dat dat stuk er ligt. Het spreekt echt op de toonhoogte van de Goede Herder

En toch kan ik er niet helemaal (en dus wel een heel eind) mee uit de voeten. Dat heeft er mee te maken dat je de visie van deel 1 moet onderschrijven, om de pastorale taken uit deel 2 goed te kunnen uitvoeren. En daar schort het bij mij aan. Ook bij het een- en andermaal lezen van deel 1 is mijn overtuiging niet veranderd. Die overtuiging is een heel basale intuïtie dat het mij niet toekomt om te oordelen over wat ik niet werkelijk kan begrijpen (homoseksualiteit). En vooral dat het mij niet toekomt te oordelen over de mensen die het betreft.[1]

Een overtuiging laat zich niet weerleggen op exegetisch of hermeneutisch niveau. Een overtuiging gaat vooraf aan het lezen van de teksten. Dat geldt voor mij, maar ook voor mensen die het anders zien. Omdat ik het rapport vanuit een andere overtuiging las had ik steeds de neiging om m’n vinger op te steken en te vragen: “maar klopt het echt wat jullie zeggen? Kijk er ook eens met andere ogen naar.”

Spagaat
Dit brengt mij bij het hoofdprobleem wat ik ervaar bij dit rapport en de synodeuitspraak. En dat is het gevoel dat ik in diepe spagaat gedwongen word (en zo lenig ben ik niet). Ik moet van mijn kerk, die ik van harte liefheb, tegen mijn homoseksuele medegelovige, die ik ook van harte liefheb en als broeder/zuster in Christus herken, zeggen dat er voor hem/haar geen plaats is aan de tafel van de Heer. Die uitspraak houdt de ontzaglijke werkelijkheid in dat ik hen heb te verkondigen dat ze geen deel in het rijk van Christus hebben. En als ambtsdrager moet ik dat uit naam van Jezus Christus zeggen. Gezien mijn overtuiging mag, kan en wil ik dat niet. Maar ik zal wel moeten.

Pastorale onmogelijkheid
Dat leidt tot nog weer een ander probleem. Want ik dien mensen in het pastoraat er toe te bewegen om een relatie in liefde en trouw te verbreken. Maar dat vermaan is weinig effectief als ik het niet voortkomt uit een diepe overtuiging. Als zij het voor God kunnen verantwoorden en Hem niet buiten de relatie houden wil ik hen niet veroordelen. Wel wil ik met hen meedenken, meebidden, onderzoeken en wat er verder ook allemaal mogelijk is. Desnoods wil ik een pittig gesprek met hen voeren, maar niet met die uiterste consequentie.

Dan blijft over: mensen puur op formele gronden (ik ben gehouden aan de uitspraak van het kerkverband) van het avondmaal en uit de gemeente weren. Pastoraal gezien is er niets onmogelijker dan dat.

Ik hoop werkelijk uit de grond van mijn hart dat er meer ruimte kan zijn voor persoonlijke afwegingen in dezen. Ik sluit liever tweeduizend mensen teveel in dan dat ik het risico loop dat ik er één onterecht uitsluit. 

-------------------
P.S. mensen die struikelen over mijn opmerking dat een overtuiging zich niet laat weerleggen op exegetisch of hermeneutisch niveau begrijp ik. Het staat er wat erg ongenuanceerd. Zie mijn reactie op Jos Strengholt hieronder.

[1] Heel dicht bij mijn visie ligt de verwoording van Wiendelt Steenbergen onder de blog van Dien de Haan 

12 opmerkingen:

  1. Beste collega (in meer dan één opzicht, geloof ik),
    Het lijkt me dat juist gereformeerd kerkrecht naar zijn aard ruimte geeft aan persoonlijke afwegingen in dezen. Ook dit soort besluiten moeten ‘ontvangen’ worden in de kerken. Daarbij hoort de geestelijke afweging of de inhoud en gronden ervan overtuigen. Als dat niet zo is ontstaat een nieuw gesprek, in eerste instantie met de classis, als dichtst bij gelegen instantie van het kerkverband. De classis is bevoegd om ruimte te laten voor een niet uitvoeren van generale besluiten in een concrete setting. Op die manier hanteren wij het landelijk GKv besluit rond gasten aan het avondmaal niet. Verder lijkt mij de regel die in ‘onze’ werkorde F72.4 gegeven wordt ook al geldend kerkrecht binnen de CGK (ook al is die niet gecodificeerd). Dit ‘hoekje’ van het kerkrecht wordt door synodes en dergelijke instanties altijd zoveel mogelijk verborgen gehouden. Dat neemt niet weg dat het er wel is. In ieder geval kan kerkrecht nooit formeel worden gehanteerd zonder kerk-onrecht te worden. Hartelijke groet!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Beste collega, Allereerst zet je jouw dilemma heel helder neer. Daarmee help je veel anderen om woorden te geven aan hun spagaat. De route die je noemt (op formele gronden) is echter niet de enige en wat mij betreft ook niet nodig. In het gereformeerde kerkrecht is het van fundamenteel belang, dat de plaatselijke kerkenraad verantwoordelijk is voor de pastorale zorg. Uitgerekend rond de zorg voor onze homoseksuele broers en zussen hebben zowel de CGK als de GKV synode de neiging, en meer dan dat, om op de stoel van de plaatselijke oudsten te gaan zitten. M.i. mag jij met jouw oudsten in alle vrijmoedigheid bij Jezus toelaten die jullie willen toelaten. Er is ruimte, die niet afhankelijk is van een synodeuitspraak, om pastorale zorg toe te passen die afwijkt van de synodelijn. Jezus Christus liep tegen de 'synodevisies' van zijn tijd aan. Ik kan hem er niet op betrappen dat hij zich daardoor liet leiden. Juist in zijn pastorale zorg was hij volkomen transparant over het ideaal en volmaakt barmhartig en gastvrij naar mensen die daar niet aan beantwoordden. Hier ligt het hart van het christelijk geloof: niet onze meetlat verandert mensen, maar de liefde van de Vader verandert ons. De synode gelooft in menselijke maakbaarheid, maar die staat haaks op het evangelie. Ik wens je wijsheid en moed toe. In verbondenheid!

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Beste Wim,

    De Christelijke Gereformeerde Kerk ligt me (nog steeds) na aan het hart.
    Ik ben er gedoopt, heb er belijdenis gedaan en ben er getrouwd.
    Nu ruim 30 jaar geleden werd mij duidelijk dat de Chr. Ger. Kerk voor een afgestudeerde kerkmusicus een allesbehalve inspirerende omgeving is.
    Ben toen lid geworden van de (nu) PKN kerk.
    Ik volg echter de ontwikkelingen nog op de voet.
    De conclusies van het rapport van de synode over homoseksualiteit betreur ik.
    Jouw reactie daarentegen, vind ik hartverwarmend.
    Het getuigt enerzijds van een warme pastorale betrokkenheid op hen die het aangaat en anderzijds van een diepe verbondenheid met de Chr. Ger. Kerken.
    Jouw spagaat is me dan ook meer dan duidelijk.
    Weet, dat je binnen deze kerk bepaald niet de enige bent die het (soms onoverkomelijk) moeilijk heeft met dit synode-besluit.
    Overigens zal dit besluit ook wel weer door de praktijk worden ingehaald.
    Ik herinner mij nog heel goed dat in het verleden ook dergelijke beslissingen zijn genomen over zaken als nieuwe vertaling, nieuwe berijming, evolutieleer, gezangen e.d..
    Later werd dan op synodaal (of lager) niveau toch weer bakzijl gehaald, al zal door betrokkenen deze term niet snel worden gebruikt.
    Ik ben er van overtuigd dat homoseksualiteit, ongehuwd samenwonen en vrouw in het ambt een zelfde weg zullen gaan.
    Het zou de (nu nog alleen) broeders van de synode sieren als zij toch iets meer aan zelfreflectie zouden doen, dunkt me….

    Heb het goed Wim, en blijf vooral twitteren: ik volg je met plezier!

    Hartelijke groet,

    Dirk Out



    BeantwoordenVerwijderen
  4. Beste collega, Ik heb je woorden gelezen en geprobeerd te wegen. Ik begrijp dat je je in een "diepe spagaat" gedwongen voelt. Ik heb een ander gevoel: ik ben blij met dit moedige besluit, dit heldere visiedocument, en deze goede pastorale handreiking van de CGK Synode. De Synode zegt, op basis van de Schrift: God wil niet dat twee homo's een relatie hebben. Kort gezegd: het is zonde. Dat is niet het einde van het verhaal, maar het begin. Maar het zonde noemen geeft de mogelijkheid van vergeving, inkeer en een nieuwe start, zoals het geval van de vrouw op overspel betrapt in Joh. 8. Jezus zegt niet: "Ik veroordeel je niet, ga naar huis en ga verder in je relatie," Hij zegt: "Ik veroordeel je niet... Ga naar huis en zondig vanaf nu niet meer." Maar als een homo-relatie niet zondig is, is er niets te vergeven, en niets te veranderen. De vraag blijft: is naar bed gaan met elkaar, buiten het huwelijk, zondig of niet (voor hetero's, homo's, en alle andere variaties)?

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Wim, ik begrijp je niet goed als je zegt: "Een overtuiging laat zich niet weerleggen op exegetisch of hermeneutisch niveau. Een overtuiging gaat vooraf aan het lezen van de teksten." Als jouw overtuiging belangrijker is dan 'de teksten' (van de Schrift, neem ik aan), waarom preek je dan nog? Want wat voor jouw geldt, geldt evenzeer voor de mensen die in je kerk zitten. Heb je ze niks te zeggen vanuit de Bijbel? Wat als jij het recht hebt om je 'overtuiging' zwaarder te laten wegen dan de Schrift zelf, dan die gemeenteleden toch ook?
    Maar misschien snap ik je niet goed :-)

    BeantwoordenVerwijderen
  6. Ha Jos,
    Deze vraag wordt terecht opgeworpen door mijn wat gecomprimeerde manier van schrijven. Zelf ben ik van mening dat mijn overtuiging mede gevormd is door de Schriften. Maar ik ben genoeg mens om me te realiseren dat dat niet in een vacuum gebeurt. Overtuigingen vormen zich ook door nature en nurture, door ontmoetingen, sympathieën en antipathieën.
    Jij hebt zelf nogal een verandering in overtuiging ondergaan op sommige punten. Is dat allemaal zuiver het product van exegese en hermeneutiek? Ik geloof het niet. Het speelt mee, maar is niet doorslaggevend.

    Mijn opmerking was vooral bedoeld als observatie. Natuurlijk, in het ideale geval snappen we precies wat de teksten zeggen en laten we ons daardoor gezeggen. Maar in de praktijk zie ik hele andere dingen gebeuren.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. "In de praktijk zie ik hele andere dingen gebeuren" Niet alles wat realiter gebeurd is ook idealiter te verantwoorden, lijkt mij.

      Verwijderen
  7. Collega's Wim en Jaap,
    Dat het kerkrecht dat idealiter bedoelt kan. Maar als ik het rapport goed lees wil de synode deze vrijheid voor een eigen oordeel juist inperken. Was de synode van die vrijheid uitgegaan, dan had er geen rapport gelegen.

    BeantwoordenVerwijderen
  8. Ja broeder, daar ben ik me zeker van bewust. Ik heb het ook niet over vrijheid gehad, maar over kerkrechtelijke ruimte. ‘Onze’ synodes van 2005 en 2008 wilden de bevoegdheid van kerkenraden om te beslissen over gasten aan het avondmaal ook inperken. De vraag blijft echter altijd of dit soort uitspraken overtuigen en hoe ze ‘in situatie’ uitwerken. Ongeacht wat synodes willen blijft op die punten binnen gereformeerd kerkrecht een eigen geestelijke afweging voor kerkenraden. Daar aan afdoen betekent karikaturaal ‘Rooms’ kerkrecht hanteren: Roma locuta, causa finita. Wanneer vervolgens die eigen afweging niet wordt aanvaard of tenminste geduld in het kerkverband (concreet eerst in de classis, dan op de ps, vervolgens op de gs, de ‘gewone’ kerkelijke weg) kom je pas terecht in de spagaat die jij schetst. Hoe je die oplost hangt af van de overtuigingskracht van ieders overtuigingen. Persoonlijk heb ik liever ruzie met een synode dan met de Heer zelf, zeker als het om een of meer ‘van deze kleinen’ gaat. Maar goed. Start je bij vrijheid, of, kerkrechtelijk gezien, bij de primaire eigen bevoegdheid van kerkenraden waar synodes niet in mogen treden, dan heb je gelijk: dan had er geen rapport/uitspraak gelegen. Nu is dat wel gebeurd, dus val je terug op de secundaire bevoegdheid van kerkenraden, namelijk om af te wegen of en hoe en waarom dit soort uitspraken in situatie uitgevoerd gaan worden. Wat daaruit voortkomt is een nieuw proces wat nog niet beslist is met de gegeven uitspraak.

    BeantwoordenVerwijderen
  9. Jos, wat ik lastig vind als christen. Er staat zoveel in de bijbel dat ik soms het spoor bijster ben. Oog om oog, tand om tand. Keer die ander de wang toe als je geslagen wordt enz. Persoonlijk denk ik altijd waar de een gelijk wil hebben met een bepaalde Bijbeltekst kan een ander die weer onderuithalen met een andere Bijbeltekst. Ik ben heel blij dat God ons hart ziet. Houd je werkelijk van mij. L Rademaker

    BeantwoordenVerwijderen
  10. Volgens mij zit er maar één ding op Wim. Als je allereerst gebonden bent door de Schrift en door je geweten en daarna pas door de kerkorde, dan moet je dus de kerkorde op dit punt ongehoorzaam zijn.

    BeantwoordenVerwijderen